Tijdens de Connectathon in maart spraken Danny van Neer, commercieel eindverantwoordelijke, en Maarten Rasenberg, architect bij PhoQus Health, over het belang van techniek binnen proactieve zorgplanning. Want achter het goede gesprek zit een minstens zo belangrijke uitdaging: zorgen dat informatie goed wordt vastgelegd én beschikbaar is op het moment dat het er echt toe doet.
“Dat doen we door met elkaar te zorgen dat die vastlegging goed is. En die uiteindelijk beschikbaar te laten komen in de uren wanneer het er daadwerkelijk omgaat in de acute zorg.”
Binnen de PZP Coalitie wordt daarom niet alleen gekeken naar de inhoud van proactieve zorgplanning, maar juist ook naar de technische uitwisseling tussen systemen, zorgverleners en leveranciers.
Bekijk het video interview van Danny van Neer en Maarten Rasenberg.
Samenwerken vraagt om standaarden
Volgens Maarten begint goede samenwerking bij het maken van gezamenlijke afspraken over gegevensuitwisseling. Wanneer systemen allemaal op een andere manier werken, wordt samenwerken ingewikkeld. “Wij zien wel het belang van uitwisseling conform de standaard.”
Die standaardisatie helpt volgens hem niet alleen zorgverleners, maar ook leveranciers en verschillende disciplines om beter samen te werken. “Dat helpt natuurlijk de zorg in Nederland, maar ook samenwerken tussen de verschillende disciplines en bedrijven.”
Juist omdat zoveel verschillende partijen betrokken zijn bij proactieve zorgplanning, vinden Danny en Maarten het belangrijk dat leveranciers gezamenlijk optrekken en dezelfde richting kiezen. “Het is voor ons wel van aannemelijk belang dat we met z’n allen tot een standaard komen en goede afspraken maken om uiteindelijk de uitwisseling voor elkaar te krijgen.”
De praktijk is nog niet overal hetzelfde
Tegelijkertijd merken ze in de praktijk dat niet iedere leverancier even ver is in de ontwikkeling van oplossingen voor proactieve zorgplanning. Sommige systemen ondersteunen al uitgebreide behandelafspraken, terwijl andere leveranciers nog maar beperkt mogelijkheden bieden. “We hebben met veel leveranciers te maken. De ene leverancier is gewoon verder dan de andere leverancier. De ene leverancier kan de volledige behandelaanwijzing leveren, de andere ondersteunt nog maar een deel en sommige ondersteunen het nog helemaal niet.”
Volgens Danny vraagt dat om een pragmatische aanpak. Wachten tot alles perfect is, is geen optie. Daarom wordt gezocht naar manieren waarop verschillende systemen toch met elkaar kunnen samenwerken. “Wij proberen daar een hybride vorm van te maken, om te zorgen dat iedereen kan aansluiten.”
De praktijk laat zien wat nog nodig is
Juist die hybride manier van werken brengt ook nieuwe vraagstukken met zich mee. “Omdat we van tevoren op dit moment niet weten op welke manier de data ontsloten kan worden en hoe wij hem dan ook kunnen presenteren.”
Dat maakt volgens hem nogmaals duidelijk waarom gezamenlijke standaarden zo belangrijk zijn. Hoe beter leveranciers dezelfde afspraken maken, hoe eenvoudiger het wordt om informatie veilig en bruikbaar uit te wisselen. “Het zou ons heel erg helpen als we daar een standaard met z’n allen onder de leveranciers voor kunnen afspreken.”
Je moet beginnen om verder te komen
Tegelijkertijd benadrukken Danny en Maarten dat veel uitdagingen pas zichtbaar worden zodra je daadwerkelijk aan de slag gaat. Niet alles is vooraf uit te denken of te testen. “We gaan tegen fouten aanlopen, we gaan tegen issues aanlopen, maar die ga je alleen tackelen als je aan de slag gaat.”
Volgens Maarten hoort dat ook bij innovatie en ontwikkeling. “Je kunt van tevoren niet het hele spectrum bedenken. Dat zal echt gaandeweg plaats moeten vinden.”
Juist door samen te testen, te leren en problemen bespreekbaar te maken, ontstaat volgens hen vooruitgang. Leveranciers, zorgorganisaties en regio’s hebben elkaar daarin nodig. “Leveranciers gaan die problemen echt wel oplossen met elkaar. Maar we moeten er wel eerst tegenaan.”
Voor Danny van Neer en Maarten Rasenberg is dat precies waar proactieve zorgplanning om vraagt: samen bouwen, in de praktijk leren en stap voor stap toewerken naar betere samenwerking en betere zorg.